Historie Biljart

Van vele takken van sport is het ontstaan niet met zekerheid vast te stellen. Zo zal men wellicht  ook nooit meer ontdekken waar, wanneer en door wie de biljartsport is uitgevonden. Dat deze sport oud is lijdt geen twijfel, maar hoe oud precies, daarover valt niets met zekerheid te zeggen.

Twee verhalen
Over het ontstaan van de biljartsport zijn 2 verhalen in omloop. In het ene verhaal wordt Engeland als de bakermat genoemd, het andere verhaal laat de biljartsport in Frankrijk ontstaan.
Het Engelse verhaal is gebaseerd op een document in het Britse Museum in Londen. Daarin wordt de textielhandellaar Bil Kew, die omstreeks 1550 in Londen woont, als de bedenker van de biljartsport aangemerkt, Hij gebruikt zijn ellestok, in het Engels yard stick, als keu. Uit de woorden Bil en Yard zou de naam van de sport zijn ontstaan. De graaf van Bedford wordt genoemd als degene die in 1664 de geheel uit hout vervaardigde speeltafel voor het eerst van een groen laken voorziet.

Het Franse verhaal zegt dat ten tijde van de koning Lodewijk IX, die leeft van 1226 tot 1270, de biljartsport van buitensport tot binnensport evolueert. Als bewijs hiervoor worden de vorm van de oorspronkelijke keu en de kleur groen van het laken aangevoerd. Bovendien betekent het woord billiard oorspronkelijk: "stok waarmee een bal over de grond wordt voorgeslagen". Het is afgeleid van het woord bille, dat onbewerkte houten balk betekent. In 1610 verlenen de stedelijke autoriteiten in Frankrijk voor het eerst vergunningen voor het openen van biljartzalen. Lodewijk XIV, de Zonnekoning, (1643-1715) geldt als degene die de sport populair heeft gemaakt, populair voor de rijken wel te verstaan. Pas aan het einde van de 18e eeuw gaat het gewone volk genieten van deze veelzijdige sport. Het is ook in Frankrijk dat de biljartsport later tot grote bloei komt. Hiervan getuigen de aankondigingen in de arbitrage, welke in internationale wedstrijden heden ten dage nog steeds in het Frans geschieden.

Beide verhalen klinken aannemelijk. Het is niet ondenkbaar dat de biljartsport in beide landen rond dezelfde tijd is ontstaan. Dit is wel met meer uitvindingen het geval.

Verdere ontwikkelling
Tot 1750 speelt men op biljarttafels met zes zakken. Er worden punten gescoord door de ballen, rechtstreeks of via de band, in de zakken te spelen. Dit spel leeft thans nog voort in het pool-biljart en het snooker. Men heeft de moeilijkheidsgraad verhoogd door de ballen niet meer rechtstreeks, maar door middel van een speelbal (Cue ball), in de gaten te spelen. Later worden in Frankrijk biljarts gemaakt zonder zakken. Hierop is voor het eerst sprake van het carambolage-spel met één rode en twee witte ballen.

Biljarttafel
Oorspronkelijk wordt het blad van de tafel gemaakt van eikenhout, later worden ook glas en marmer gebruikt. In 1836 ontstaat de eerste tafel met een blad van Portugese lei. Voor de banden wordt gebruik gemaakt van haar, vilt, en zelfs zwanenhuid, tot in 1850 het rubber zijn intrede doet. Pas vele jaren later .wordt voor het eerst verwarming toegepast

Keu
Ook de keu maakt nogal wat ontwikkeling door. De oervorm, de mace, doet zo'n 4 eeuwen dienst, om rond 1800 plaats te maken voor de rechte keu.
De pomerans is dan nog onbekend. Het houten uiteinde van de keu wordt ruw gemaakt door het in de gekalkte wand van de biljartzaal te draaien. Ene heer Bartley, eigenaar van een biljartzaal in Engeland, verstrekt voor het eerst losse stukken krijt.


Na invoering van het krijt volgt de toevallige ontdekking van de pomerans. In 1827 komt de Fransman Mingaud bij het losraken van een stukje schoenzool op het idee dit op het topje van zijn keu te plakken. Waarschijnlijk doet hij dit om het omkrullen van het hout tegen te gaan. Tot zijn verbazing merkt hij dat hij nu effect kan geven. Als daarna John Carr ontdekt dat hij door het leer te krijten ook nog terugwerkend effect kan geven, dus de bal kan terugtrekken, is een belangrijke mijlpaal in de ontwikkeling van de biljartsport bereikt. Zoals het met meer uitvindingen gaat in die tijd wordt er verband gelegd met hekserij als de trekstoot tijdens een toernooi in Toulouse voor het eerst wordt gedemonstreerd. De laatste ingrijpende ontwikkeling van de keu dateert van 1870 met introductie van de deelbare keu.

Ballen
In de beginfase van de biljartsport wordt er gespeeld met houten ballen, zoals bij de beugelsport nog steeds het geval is. Later komt men via glas, marmer en ivoor aan de basis van deze kunstharsbal, die vanaf 1920 volledig geaccepteerd wordt, staat John Wesley Hyatt die in 1860 het celluloid uitvindt. Alleen bij de spelsoort kunststoten, warbij uitzonderlijke effecten vereist zijn, worden nog ivoren ballen gebruikt.

Nederland
Rond 1800 doet de biljartsport haar intrede in Nederland. Aanvankelijk beperkt zich dat tot de noordelijke provincies, later  verspreidt de sport zich over het gehele land.  We noteren 1830 als het jaar waarin in Groningen de eerste officiële wedstrijd plaatsvindt. Het spelpeil is nog laag, de winnaar de heer Hommes komt tot een hoogste serie van 7. In 1911 wordt de Nederlandse Biljartbond opgericht, in 1923 te Brussel gevolgd door een internationale Biljartbond.